The Offense of Poetry. Eerste Hans Groenewegenlezing uitgesproken door Anneke Brassinga

Datum:
5 november 2015 van 16:30 tot 18:30 uur
Locatie:
KNAW, Het Trippenhuis, Kloveniersburgwal 29, 1011 JV Amsterdam
Telefoon:
020 551 0746
Voeg toe:

Anneke Brassinga, dichter, schrijver en vertaler, zal de eerste Hans Groenewegenlezing houden. De lezing is een Nederlands-Vlaams initiatief om de poëzie weer in het middelpunt van het debat te plaatsen. Brassinga zal in haar lezing ingaan op het ambt van de dichter, het wezen van het gedicht en de taak van de criticus.  Dit alles gespiegeld aan het werk van Hans Groenewegen.

Hans Groenewegen

Hans Groenewegen (1956-2013) was een poëziecriticus met een geweten. Tijdens zijn universitaire opleiding deed hij actief mee in de Nederlandse Christen-Studenten Vereniging (NCSV), waar hij dromen trachtte te verwerkelijken die waren gevoed door een autonoom religieuze opvoeding. Voor solidariteit en gelijkheid ging hij in dialoog met DDR-burgers, en hij trachtte Marx te verenigen met de Bijbel.

Hans Groenewegen Foto: Martijn StronksBegonnen in de jaren tachtig bij het communistische volksdagblad De Waarheid zag hij in 1989 als ‘onze correspondent in Berlijn’ voor zijn ogen de Muur vallen. Hoe diep dat ingreep in wat hij voor zekerheden hield, bewijst Groenewegens reportageboek Hete herfst aan het begin van een ijstijd uit 1991. Zonder zijn maatschappelijke engagement te verliezen richtte hij zich vervolgens op literatuur, en dan vooral op poëzie.

Als literair criticus was Groenewegen onvermoeibaar, een allrounder in genres en poëtica’s en periodes. Zijn programma is op vele plaatsen op te delven, ook in zijn laatste, onvoltooid gebleven essays die postuum zijn gebundeld in De lezer: ‘Geschiedenis is de voortgang van het gesprek met de doden. Als we hen niet meer horen, hen niet meer willen overtuigen, door hen niet meer overtuigd willen worden, is aan de geschiedenis een einde gekomen.’

Met zulke empathische en arbeidsintensieve principes voegt Groenewegen zich in de traditie van T.S. Eliot en van grote lezers uit eigen land als Fens en Vogelaar. En van zijn voorbeeld Walter Benjamin, de belaagde intellectueel voor wie het verleden nooit afgesloten is maar door eingedenken steeds tot leven gebracht kan en moet worden.

Groenewegen zag een weinig spectaculair technisch detail bij voorkeur niet over het hoofd. En hij deed liever verslag dan dat hij oordeelde. Citeren vond hij al een reductie. Voorkeuren had hij zeker, maar hij vond het niet bijster interessant ze nog uit te spelen. Polemisch was hij slechts tegenover de luiheid van lezers die, met rituele onredelijkheid, niet direct toegankelijke gedichten belachelijk maakten.

Zijn bijna ambachtelijke manier van lezen gaf Groenewegen de naam van een integer en deskundig criticus. Inmiddels wekt zijn aanpak, inclusief tastende stijl, ook de indruk uit te sterven.

Over de Hans Groenewegenlezing

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (Amsterdam), de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (Gent), Perdu (Amsterdam) en Poëziecentrum (Gent) slaan de handen ineen met een tweejaarlijkse Hans Groenewegenlezing. Voor deze eerste editie is Anneke Brassinga uitgenodigd om een essay te schrijven en een lezing te geven.

Door middel van een tweejaarlijkse Hans Groenewegenlezing willen we proberen traag lezen en denken, met opschorting van een oordeel, levend te houden. Uitgaand van de essays zal een gereputeerde auteur trachten de mogelijk- en onmogelijkheden na te gaan van Groenewegens idealen, die van samenleving en literatuur liepen en weer terug. Daags erna gaan dichters en denkers hierover dan in debat.

Aangezien Groenewegen zowel dichters uit België als uit Nederland besprak, zal de lezing worden gehouden in Amsterdam (Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) én Gent (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde). In die twee steden vinden ook de debatten plaats, bij Stichting Perdu en het Poëziecentrum. De spreker zal afwisselend uit Nederland en België afkomstig zijn.

Anneke Brassinga

In november 2015 wordt het spits afgebeten door de recentste P.C. Hooftprijslaureaat Anneke Brassinga. Haar stellingen zullen tegen een kritisch licht worden gehouden door Ton Naaijkens, Yra van Dijk en Maarten van der Graaff (Amsterdam) en door Piet Gerbrandy, Yves T’Sjoen en Marjoleine de Vos (Gent). Erwin Jans leidt het gesprek in Perdu, Marc Kregting verzorgt de moderatie in het Poëziecentrum. Bij die discussiebijeenkomsten zal Groenewegens postume boek De lezer. Van poëzie en mystiek, waaraan hij vanaf 2006 structureel was gaan werken, voor het eerst te bewonderen zijn.

Zo kan hopelijk de aandacht voor poëzie en poëziebeschouwing blijven bestaan – tegen de achtergrond van ongelijkheid door politieke, maatschappelijke en mediale ontwikkelingen die de actualiteit van Marx’ denken veeleer bevestigen dan ontkennen.