Academische arbeidsmarkt veel dynamischer dan gedacht

26 april 2013

De universitaire sector heeft het imago weinig dynamisch te zijn, doordat de hogere rangen bij universiteiten vrijwel 'dicht zitten'. Ook zou er enkel bij een onafgebroken verblijf binnen de sector carrière gemaakt kunnen worden. Dat beeld klopt echter niet. De Nederlandse academische arbeidsmarkt is veel dynamischer en opener dan gedacht. Dat komt naar voren uit de nieuwe editie in de reeks Feiten & Cijfers van het Rathenau Instituut over Academische carrières en loopbaanbeleid.

De publicatie geeft inzicht in de arbeidsmarktbewegingen van academici en laat zien hoe de wetenschappelijke arbeidsmarkt daadwerkelijk in elkaar steekt. Enkele opvallende feiten en cijfers uitgelicht:

  • De Nederlandse universitaire sector is dynamisch. Flinke aantallen promovendi, overig wetenschappelijk personeel, universitair docenten, universitair hoofddocenten en hoogleraren verlaten de universiteit, maar omgekeerd is er ook volop in- en doorstroom van wetenschappers van buiten de universiteit.
  • De Nederlandse wetenschap wordt internationaler. Het aandeel van buitenlandse academici aan Nederlandse universiteiten groeit van 23 procent in 2003 naar 30 procent in 2011. Tegelijkertijd gaan steeds meer Nederlandse academici naar het buitenland. Internationalisering bij wetenschappelijk personeel is dus prominent, wordt prominenter en beperkt zich zeker niet tot de promovendi.
  • Bij bijna alle overgangen naar hogere functies stromen vrouwen naar evenredigheid door; niet beter, maar ook niet slechter dan mannen. In absolute aantallen zijn er nog steeds grote verschillen in het aantal mannen en vrouwen in hogere functies. Als het huidige patroon zich doorzet, is over dertig à veertig jaar sprake van een gelijke man-vrouwverhouding in de hoogste functies.

Loopbaanbeleid

Met deze nieuwe editie in de serie Feiten & Cijfers wil het Rathenau Instituut betrokkenen in de universitaire sector - beleidsmakers, bestuurders en politici - inzicht geven in de arbeidsmarktmobiliteit van academici. De publicatie combineert daarom - voor het eerst - drie verschillende databronnen. Op basis van deze databestanden is een inschatting gemaakt van de ‘gemiddelde’ mobiliteit van, naar en tussen de Nederlandse universiteiten.

Met deze publicatie verwacht het Rathenau Instituut een betere onderbouwing te geven voor effectief academisch loopbanenbeleid en voor het publieke en politieke debat over bijvoorbeeld brain drain en het promotiestelsel.

Publicatie:

Goede, M. de, R. Belder & J. de Jonge (2013). Feiten & cijfers. Academische carrières en loopbaanbeleid. Den Haag: Rathenau Instituut. – 20 p.

Noot voor de redactie

Het Rathenau Instituut stimuleert de publieke en politieke meningsvorming over wetenschap en technologie. Daartoe doet het instituut onderzoek naar de organisatie en ontwikkeling van het wetenschapssysteem, publiceert het over maatschappelijke effecten van nieuwe technologieën, en organiseert het debatten over vraagstukken en dilemma's op het gebied van wetenschap en technologie.
Het Rathenau Instituut is inhoudelijk onafhankelijk. Het is in 1986 ingesteld door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het ministerie financiert ook het Rathenau Instituut. Het instituut is beheersmatig ondergebracht bij de KNAW.