De Jonge Akademie breidt uit met tien leden

21 december 2010

De Jonge Akademie krijgt er tien leden bij. Het zijn onderzoekers uit een veelheid van disciplines die zich wetenschappelijk hebben bewezen en die nog geen tien jaar geleden zijn gepromoveerd.

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) richtte in 2005 De Jonge Akademie op om jonge onderzoekers in contact te brengen met collega's uit andere vakgebieden. De Jonge Akademie organiseert interdisciplinaire wetenschappelijke bijeenkomsten, geeft haar mening over maatschappelijke en politieke thema's en wil het brede publiek enthousiasmeren voor de wetenschap.

Een commissie met leden van DJA en de KNAW selecteert jaarlijks tien nieuwe leden op basis van aanbevelingen uit het wetenschappelijke veld. Zij selecteert nieuwe leden op wetenschappelijke excellentie, een interdisciplinaire aanpak en een brede belangstelling voor de wetenschap. DJA-leden treden na een vijfjarig lidmaatschap af. Na de toetreding van de nieuwe leden telt DJA tachtig leden.

De nieuwe leden van De Jonge Akademie zijn:

Prof. dr. André Aleman (Cognitieve neurowetenschappen, Universitair Medisch Centrum Groningen)
André Aleman (1975) is hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie aan het Universitair Medisch Centrum Groningen en directeur van onderzoeksschool BCN-UMCG. Het onderzoek van Aleman richt zich op het begrijpen en verklaren van psychiatrische stoornissen van de waarneming, zoals hallucinaties bij schizofrenie. Hij heeft door middel van fMRI-scans aangetoond dat in de hersenen van mensen die stemmen denken te horen, gebieden actief zijn die ook actief zijn als er echte stemmen te horen zijn. Verder richt Aleman zich op het in kaart brengen van hersenfuncties die betrokken zijn bij het waarnemen en hanteren van emoties.

Prof. dr. Monica Claes (Europees en vergelijkend constitutioneel recht, Universiteit van Tilburg)
Monica Claes (1968) is hoogleraar Europees en vergelijkend constitutioneel recht aan de Universiteit van Tilburg en onderzoekt de wisselwerking tussen het Europese en nationale constitutionele recht. Claes richt zich vooral op rechtsvergelijkend onderzoek en zoekt naar beginselen die een basis kunnen vormen voor verdere constitutionalisering van Europa. Daarnaast is de positie van Europese en nationale rechters en hun verhouding tot politieke organen onderwerp van haar onderzoek. Voor haar proefschrift heeft Claes de Staatsrechtkring prijs voor het beste staatsrechtelijke proefschrift ontvangen.

Prof. dr. Paul Groot (Astronomie, Radboud Universiteit Nijmegen)
Paul Groot (1971) is hoogleraar sterrenkunde en hoofd van de afdeling sterrenkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Groot heeft verschillende wetenschappelijke doorbraken gerealiseerd, heeft nieuwe onderzoeksgebieden aangeboord en heeft belangrijke toetsstenen ontwikkeld voor de ruimtevaart. In 1997 heeft hij als eerste met een optische telescoop een tegenhanger van een Gammaflits gezien, een nagloeiend object, waarmee de Gammaflits zichzelf 'verraadt'. Deze doorbraak heeft in belangrijke mate bijgedragen aan het ontrafelen van de mysteries van Gammaflitsen. Groot is een van de drijvende krachten achter EGAPS, een Europees project om onze Melkweg voor het eerst goed in kaart te brengen.

Dr. Marie-José Goumans (Moleculaire celbiologie, Leids Universitair Medisch Centrum)
Marie-José Goumans (1968) doet onderzoek naar de toepassing van stamcellen bij herstel van het hart na een hartaanval. Zowel de kapotte hartspieren als de aangetaste bloedvaten moeten na een hartaanval worden gerepareerd. Goumans onderzoekt hoe uit stamcellen van hartoortjes, kleine stukjes hart die mensen zonder probleem kunnen missen, de beste hartspiercellen zijn te maken. Marie-José Goumans heeft een brede interesse in wetenschap en maatschappij en verzorgt jaarlijks lessen over stamcellen en regeneratieve geneeskunde voor havo- en vwo-leerlingen.

Dr. ir. Tjerk Oosterkamp (Natuurkunde, Universiteit Leiden)
Tjerk Oosterkamp (1972) geeft leiding aan een onderzoeksgroep die toepassingen van tastmicroscopie bestudeert, onder meer om individuele eiwitten in celmembranen zichtbaar te maken. Hij heeft tijdens zijn promotieonderzoek als eerste de geheimen ontrafeld van minuscule pilaartjes waarin elektronen opgesloten zitten. Daarnaast heeft hij een nieuw instrumentarium ontwikkeld voor moleculaire afbeeldingtechnieken met videosnelheid. Oosterkamp heeft meerdere malen in toonaangevende bladen als Nature en Science gepubliceerd. Zijn onderzoek is onder andere beloond met een Starting Grant van het European Research Council.

Dr. Appy Sluijs (Paleoklimatologie, Universiteit Utrecht)
Appy Sluijs (1980) doet onderzoek naar de relatie tussen CO2 en het klimaat op aarde. Hij heeft ontdekt dat de grote broeikasramp die 55 miljoen jaar geleden veel diersoorten op de zeebodem uitroeide, het gevolg was van een klimaatkettingreactie. Met collega's heeft hij in 2007 de Academische Jaarprijs gewonnen waarmee een lesmethode over klimaat en klimaatverandering is ontwikkeld. Sluijs neemt actief deel aan het brede klimaat- en energiedebat. Hij heeft zes publicaties in Nature en Science op zijn naam staan.

Dr. Marika Taylor (Theoretische natuurkunde, Universiteit van Amsterdam)
Marika Taylor (1974) promoveerde in Cambridge bij Stephen Hawking en is verbonden aan het Instituut voor Theoretische Fysica van de Universiteit van Amsterdam. Taylor houdt zich bezig met de fysica van zwarte gaten, belangrijk voor de ontwikkeling van quantumzwaartekracht. Ze heeft in 2008 de Minerva-Prijs van de Stichting FOM gewonnen voor een artikel over het microscopisch beschrijven van de fysica van zwarte gaten. De Minerva-Prijs is een prijs voor de beste wetenschappelijke publicatie van een vrouw over een natuurkundig onderwerp.

Dr. ir. Peter-Paul Verbeek (Techniekfilosofie, Universiteit Twente)
Peter-Paul Verbeek (1970) doet onderzoek naar de relatie tussen mens en technologie en de lastig te trekken grens tussen beide. Gaat de versmelting van mens en technologie de grens over van wat nog 'mens' mag heten of zijn mensen altijd al verweven geweest met technologie? Verbeek onderzoekt welke benaderingen van mens en ethiek geschikt zijn om de nieuwste technologische ontwikkelingen te begeleiden. Hij heeft een prominente internationale positie binnen de techniekfilosofie verworven. Zijn boek 'De daadkracht der dingen' is zeer goed ontvangen en veel besproken.

Prof. dr. Claes de Vreese (Communicatiewetenschap, Universiteit van Amsterdam)
Claes de Vreese (1974) is sinds 2005 hoogleraar Communicatiewetenschap aan de UvA. Daarnaast is hij wetenschappelijk directeur van de Amsterdam School of Communications Research van de UvA. De Vreese doet onderzoek naar politieke journalistiek, verkiezingscampagnes en de inhoud en effecten van nieuwsmedia op publieke opinie en gedrag. Zo voorspelde hij in 2004 het Nederlandse 'nee' tegen de Europese grondwet in 2005 op basis van analyses van data van de publieke opinie. Claes de Vreese heeft een lange lijst van publicaties, waaronder een groot aantal in internationale, toonaangevende tijdschriften.

Dr. ir. Gijs Wuite (Biofysica, Vrije Universiteit Amsterdam)
Gijs Wuite (1972) doet onderzoek op het snijvlak van de natuurkunde en de biologie. Zijn onderzoeksgroep is erin geslaagd om met een micropincet van laserstralen bacterieel chromosoom verder te ontrafelen. De groep heeft laten zien hoe een belangrijk eiwit strengen van DNA in bacteriën bij elkaar houdt. Door deze techniek is nu voor het eerst verklaarbaar hoe de chaotische kluwen die bacterieel DNA lijkt te zijn, toch netjes georganiseerd is en dynamisch kan functioneren. Wuite is voorzitter van de commissie die het natuurkundeonderwijs aan de VU volledig gaat herzien om een bredere studentenpopulatie aan te spreken.

De nieuwe leden van DJA worden op donderdag 26 maart 2009 officieel geïnstalleerd tijdens een bijeenkomst in het Trippenhuis, het gebouw van de KNAW in Amsterdam.