De Jonge Akademie kiest tien nieuwe leden

25 november 2015

Jaarlijks kiest De Jonge Akademie tien nieuwe, talentvolle onderzoekers om haar gelederen te versterken. De Jonge Akademie is binnen de KNAW een zelfstandig platform van jonge topwetenschappers, met activiteiten op het gebied van interdisciplinariteit, wetenschapsbeleid, wetenschap en samenleving, en internationalisering.

Naast bewezen wetenschappelijke kwaliteit beschikken leden over een brede belangstelling voor wetenschapsbeoefening en wetenschapscommunicatie. Een lidmaatschap is voor vijf jaar. De officiële installatie van de nieuwe leden vindt plaats op 29 maart 2016 in het Trippenhuis van de KNAW.

De tien nieuwe leden van De Jonge Akademie zijn:

Dr. Pieter Bruijnincx (anorganische chemie & katalyse, Universiteit Utrecht)
Het onderzoek van Pieter Bruijnincx (1979) draait om het ontwikkelen van nieuwe katalysatoren en syntheseroutes voor de productie van ‘groene’ chemische bouwstenen uit biomassa. Deze zijn onontbeerlijk voor het verduurzamen van de chemische industrie. Voor dit maatschappelijk belangrijke vraagstuk slaat hij de handen ineen met industriële partners en combineert zo fundamenteel en toegepast onderzoek. Bruijnincx is actief in outreach en ontwikkelde onder meer een les- en practicummodule rond biomassaconversie en katalyse voor middelbare scholieren.

Prof. dr. Belle Derks (sociale en organisatiepsychologie, Universiteit Utrecht)
Belle Derks (1979) ontwikkelde een vernieuwende onderzoekslijn op het snijvlak van sociale psychologie en de neurowetenschappen. Zeer actueel is haar onderzoek naar de onbewuste effecten van discriminatie en stereotypering op de motivatie en prestatie van vrouwen en minderheden. Bevindingen uit deze studies maken het mogelijk samenhangend beleid te ontwikkelen op het vlak van diversiteit in organisaties. Derks is verder onder meer een internationaal expert op het Queen Bee-effect: vrouwelijke leidinggevenden die de carrière van jongere seksegenoten tegenwerken.

Dr. Tatiana Filatova (milieueconomie, Universiteit Twente)
Tatiana Filatova (1981) verbindt de economie en de klimaatwetenschap met behulp van computersimulaties. Zo bestudeert ze het gedrag van mensen wanneer zij geconfronteerd worden met risico’s als gevolg van klimaatverandering. Meer inzicht in menselijke afwegingen is nodig om van papieren beleid naar echte veranderingsbereidheid te komen. Filatova, die een eigen onderzoekslijn opbouwde, wil zich graag inzetten om academische kennis te delen met een groot publiek en bijdragen om de positie van jonge wetenschappers te verbeteren.

Dr. Jason Hessels (astrofysica, Universiteit van Amsterdam en ASTRON)
Jason Hessels (1979) wil jong en oud graag meevoeren in de wereld van het fundamenteel onderzoek, in zijn geval de radioastronomie. Zijn onderzoek richt zich vooral op pulsars: neutronensterren die als kosmische vuurtorens met regelmaat kortdurende pulsen uitzenden. Zijn ontdekkingen van onder meer de snelst draaiende - en de zwaarste - neutronenster hebben een grote impact gehad op zowel de astronomie, de kernfysica en de theoretische fysica.
Hessels vertelt graag over zijn werk op basisscholen en tijdens publieksevenementen en ontwikkelde de ‘knutselpulsar’ waarmee kinderen iets leren over rotatie en magnetische velden.

Dr. ir. Alexandru Iosup (technische informatica, Technische Universiteit Delft)
Alexandru Iosup (1980) heeft een internationale voortrekkersrol op het vlak van ‘gedistribueerde systemen’: computersystemen en vooral hun programma’s die bestaan uit verschillende delen die al dan niet gelijktijdig en ver van elkaar uitgevoerd kunnen worden. Zijn onderzoek is essentieel voor opkomende gebieden als cloud computing, en populaire toepassingen van internet als e-Science en online gaming, en in de toekomst ook voor grootschalig en/of gamification-gebaseerd onderwijs. Iosup is een pleitbezorger van open access en besteedt veel aandacht aan het begeleiden van jong onderzoekstalent.

Dr. Liesbeth van Rossum (interne geneeskunde/endocrinologie, Erasmus MC Rotterdam)
Arts en onderzoeker Liesbeth van Rossum (1975) geldt als een groot talent op haar onderzoeksgebied. Ze zette een eigen onderzoekslijn op naar stresshormonen en de relatie met stressgerelateerde aandoeningen als overgewicht en depressie. Haar ontdekking dat de mate van stress af te meten is aan de stresshormonen in iemands hoofdhaar, vormde de aanzet tot weer nieuw interdisciplinair onderzoek. Tevens richtte zij het Centrum Gezond Gewicht op, waar innovatieve obesitasbehandelingen, toegesneden op het individu, ontwikkeld worden. Haar onderzoeksvragen vloeien voort uit behoeften die zij signaleert in de patiëntenzorg.

Dr. Rens van de Schoot (toegepaste statistiek, Universiteit Utrecht)
Als gepassioneerd onderzoeker op gebied van de toegepaste statistiek zoekt Rens van de Schoot (1979) van nature de samenwerking met wetenschappers uit andere disciplines. Rode draad in zijn werk is het ontwikkelen van methoden om kennis van experts (zoals artsen, verpleegkundigen, docenten) te integreren in data-analyses. Dit om met meer zekerheid uitspraken te kunnen doen dan mogelijk is op basis van data alleen. Zo kan de kennis van een docent over een leerling dan bijvoorbeeld ‘opgeteld’ worden bij een testuitslag. In zijn begeleiding van jonge onderzoekers legt Van de Schoot de nadruk op transparantie en wetenschappelijke integriteit.

Dr. Stefan van der Stigchel (psychologische functieleer, Universiteit Utrecht)
Vanuit de optiek van jonge onderzoekers mengt Stefan van der Stigchel (1980) zich regelmatig in (media)discussies over wetenschapsbeleid. Kwesties op het snijvlak van wetenschap en maatschappij hebben zijn grote belangstelling. Van der Stigchel is een zeer veelzijdig onderzoeker, die zowel werkt aan fundamentele vragen over onbewuste invloeden op gedrag als aan aandachtsprocessen bij mensen met hersenbeschadiging. Om tot resultaat te komen combineert hij kennis uit verschillende vakgebieden zoals de experimentele psychologie en neuropsychologie.

Dr. ir. Behnam Taebi (techniekfilosofie, Technische Universiteit Delft)
De tot dusver belangrijkste wetenschappelijke prestatie van Behnam Taebi (1977) bestaat uit het ontwikkelen van een nieuw onderzoeksgebied: Ethics of Nuclear Energy. Zijn doel is de praktische mogelijkheden van engineering en ethisch denken over kernenergieproductie en kernafvalopslag dichter bijeen te brengen. Taebi is opgeleid in zowel de technische materiaalwetenschappen als in de filosofie, verbleef een tijd aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT), werkte een jaar op Harvard en heeft een groot internationaal netwerk opgebouwd. Hij geeft publiekslezingen en is betrokken bij masterclasses rond techniek en ethiek voor Nederlandse parlementariërs.

Dr. mr. Christiaan Vinkers (psychiatrie, UMC Utrecht/Universiteit Utrecht)
Afgestudeerd in zowel farmacie en rechten als geneeskunde kan Christiaan Vinkers (1980) met recht een multitalent genoemd worden. Naast zijn klinische werk als psychiater in het UMC Utrecht stuurt hij ook een productieve onderzoekslijn aan gericht op factoren die kwetsbaarheid en veerkracht van het brein beïnvloeden. Zo heeft hij aangetoond dat stress het risico op (psychiatrische) ziekten kan verhogen en biologische factoren geïdentificeerd die daar een rol in spelen. Vinkers wil graag wetenschappelijke kennis voor een breed publiek ontsluiten en zette daartoe onder meer www.dejongepsychiater.nl op om informatie over psychiatrische onderwerpen toegankelijk te maken.