Hersenweefsel voor onderzoek naar psychiatrische aandoeningen

13 juni 2012

De Nederlandse Hersenbank ontvangt samen met vijf universitaire onderzoeksgroepen een substantiële NWO-subsidie voor het opzetten van een nationale infrastructuur om hersenweefsel te verzamelen van overleden patiënten met psychiatrische hersenziekten. Hiermee wordt meer (inter)nationaal wetenschappelijk onderzoek mogelijk naar de oorzaken en mogelijke behandeling van deze nog grotendeels onbegrepen hersenaandoeningen.

hersenbank

De Nederlandse Hersenbank, onderdeel van het Nederlands Instituut voor Neurowetenschappen van de KNAW (NIN-KNAW), verzamelt hersenweefsel van donoren voor wetenschappelijk onderzoek. Momenteel is echter geen of te weinig hersenweefsel beschikbaar van mensen met schizofrenie, depressie, autisme, dwangstoornis, bipolaire stoornis, ADHD en posttraumatische stressstoornis. Patiënten, familie en zorgverleners zijn vaak onvoldoende geïnformeerd over de gang van zaken rond het doneren van hersenweefsel na overlijden en het belang van onderzoek van dit weefsel om psychiatrische ziektebeelden beter te begrijpen.

Met een bijdrage van 3.450.000 euro uit het investeringsprogramma NWO-groot kan de komende jaren een nationale infrastructuur worden opgezet om hersenweefsel van goed gediagnosticeerde patiënten met psychiatrische aandoeningen te verzamelen voor onderzoek. Belangrijk, omdat psychiatrische ziektebeelden nog steeds veel vragen oproepen, die onvoldoende beantwoord kunnen worden met genetisch onderzoek, neuro-imaging of proefdieronderzoek. Het project wordt opgezet door de Nederlandse Hersenbank, in nauwe samenwerking met psychiatrische onderzoeksgroepen van vijf universitair medische centra (UMC Utrecht, VUmc Amsterdam, UMC St. Radboud, AMC Amsterdam, Erasmus MC Rotterdam).

Centraal in het project staat het informeren en uitnodigen van psychiatrische patiënten en familieleden om zich als hersendonor te registreren bij de Nederlandse Hersenbank. Behalve de donorwerving via klinische cohorten zullen ook patiëntenverenigingen worden benaderd.
De brede steun voor het project blijkt ook uit de additionele bijdragen van de KNAW (€300.000), het NIN-KNAW (€ 200.000) en de vijf deelnemende universitair medisch centra (elk € 50.000).