KNAW-president vreest voor toekomst jonge wetenschappers

26 mei 2014

In zijn Jaarrede, vanmiddag uitgesproken tijdens de Akademiemiddag, sprak Hans Clevers de vrees uit dat jaren van bezuinigingen leiden tot het verlies van een generatie wetenschappers, waardoor het hele systeem averij oploopt.

Gastspreker Alexander Rinnooy Kan nam het Nederlandse wetenschapsbeleid onder de loep. Beide sprekers reikten de bewindslieden van OCW suggesties aan voor de revisie van het wetenschapsbeleid die op stapel staat. Rinnooy Kan kreeg ook de tweejaarlijkse Akademiepenning uitgereikt als blijk van waardering voor zijn inzet voor de bloei van de wetenschap.

Laat wetenschap werken

In zijn Jaarrede, Laat wetenschap werken, breekt Hans Clevers opnieuw een lans voor de vrije wetenschapsbeoefening: ‘De werkelijk vernieuwende innovaties ontstaan in universiteiten, zonder hulp van buitenaf. Facebook was het smoelenboek van Harvard. Google werd opgericht door twee Stanford-nerds.’ Clevers spreekt zijn zorg uit voor de toekomst van een generatie jonge onderzoekers die door de jarenlange bezuinigingen het kind van de rekening dreigen te worden: ‘Promovendi en postdocs worden niet langer uit de eerste geldstroom betaald. Juist jonge onderzoekers bevinden zich daardoor in een keiharde competitie van “publish or perish”. Dat we een generatie jonge onderzoekers gaan missen is op zich al erg genoeg. Maar daardoor zal ook de productiviteit van het systeem averij oplopen. De jonge mensen zijn immers degenen die het echte werk verrichten. Zij doen de experimenten, nemen de interviews af, onderzoeken bronnen  en verzamelen data.’

Visie wetenschap

Hans_Clevers_Foto_Henk_Thomas.jpgIn september verschijnt de Visie Wetenschap van minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker. Hans Clevers pleit in dat verband voor het opstellen van een nationale wetenschapsagenda: ‘Het is vanuit het perspectief van een individuele wetenschapper tegenwoordig niet simpel meer om richting te kiezen: het profileringsbeleid voor universiteiten wijst één kant op, het topsectorenbeleid een tweede, Europa weer een andere.’ Hij daagt de bewindslieden van OCW uit om in hun visiedocument ook in te gaan op de vraag hoe de beste wetenschappers voor Nederland te behouden. Clevers: ‘Ik help graag met een begin van een antwoord: de beste wetenschappers trek je vooral met goede wetenschap, optimale faciliteiten en een ruimhartige financiële ondersteuning.’

Wetenschappelijke cultuur

Vrijdag verscheen het rapport van de werkgroep ‘Interdepartementaal Beleidsonderzoek wetenschappelijk onderzoek’. De werkgroep signaleert de buitengewoon bescheiden financiering, en spreekt haar bewondering uit voor het disproportionele succes van de Nederlandse wetenschap. Volgens Hans Clevers is dat voor een belangrijk deel het gevolg van onze cultuur: ‘Nederlanders zijn nieuwsgierig, internationaal gericht. We zijn ambitieus, maar werken makkelijk samen. We delen kennis en succes, maar ook tegenslag. We zijn ongevoelig voor autoriteit en gaan over alles in discussie. Niet goed voor een leger, maar uitermate vruchtbaar voor het bedrijven van wetenschap. Waarom zouden we bezuinigen op iets dat we juist zoveel beter doen dan vrijwel ieder ander land? Iets wat zo in ons DNA zit? Waarom brengen we niet hetzelfde enthousiasme op voor wetenschap als voor dat andere nationale talent: voetbal?”

Met de kennis van straks

Alexander Rinnooy Kan Foto Dirk HolOok gastspreker Alexander Rinnooy Kan richtte zich expliciet tot de bewindslieden van OCW. In zijn lezing, die de titel droeg Met de kennis van straks, nam hij het fenomeen wetenschapsbeleid onder de loep. Rinnooy Kan constateert dat overheidssteun voor wetenschap onomstreden is, gewettigd door de bijdrage van wetenschap aan welvaart en welzijn. Hij constateert dat het succes van de Nederlandse wetenschap in schril contrast staat met  ‘de escalerende krenterigheid’ van de laatste jaren. Net als Hans Clevers beschrijft Rinnooy Kan de risico’s van krimpende budgetten en roept de minister en staatssecretaris van Onderwijs op zich in de aangekondigde beleidvisie sterk te maken voor de Nederlandse wetenschap – door de risico’s te adresseren en door de balans tussen wetenschapsbeleid en innovatiebeleid te herstellen. Rinnooy Kan: ‘Wetenschapsbeleid is lastig. Het kan alleen floreren als het van tijd tot tijd ontsnapt uit het isolement van de Gouden Driehoek van overheid, bedrijfsleven en wetenschapsorganisaties.’

Akademiepenning

Rinnooy Kan ontving uit handen van Hans Clevers de tweejaarlijkse Akademiepenning. Juryvoorzitter Pearl Dykstra, vicepresident van de KNAW: 'Alexander Rinnooy Kan is de gedroomde postillon d’amour tussen wetenschap, politiek en samenleving.' De jury prees zijn eruditie en charisma, en zijn schijnbaar onuitputtelijke energie.