Opsporing vereist beter politiek toezicht

22 december 2010

(Persbericht Rathenau Instituut) De politiek moet beter toezien op opsporings- en veiligheidsdiensten. Dit bepleit het Rathenau Instituut in het Bericht aan het Parlement 'Opsporing behoeft 'checks and balances'', dat vandaag uitkomt.

De politiek mist zicht op het gebruik dat opsporings- en veiligheidsdiensten maken van hun - verregaande - bevoegdheden, en op de inzet van hightech middelen als datamining of DNA-onderzoek. Volgens het Instituut is dit een probleem vanwege het risico van onterechte verdachtmaking en de ingrijpende gevolgen daarvan voor burgers.

Hightech opsporing

In de strijd tegen misdaad en terreur maken politie en justitie gebruik van steeds geavanceerdere middelen, zoals datamining (het automatisch doorzoeken van databestanden), DNA-onderzoek of slimme camera's. Veel politiële en justitiële bevoegdheidsverruimingen van de afgelopen jaren zijn toegesneden op nieuwe technologie.

Geen wondermiddel

Maar nieuwe opsporingsmethoden zijn niet de wondermiddelen waarvoor ze vaak worden aangezien. Zo kampt datamining met problemen als bestandsvervuiling en een overvloed aan informatie. Met maar liefst vijf procent van alle Sofinummers bleek op een gegeven moment iets mis. Ook identiteitsdiefstal en slordig databeheer vormen een probleem - en ondermijnen de effectiviteit van data-analyse. Daarom is het van belang kritisch te kijken naar de bestaande neiging van het opsporingsapparaat om zoveel mogelijk gegevens te vergaren. Vergelijkbare vraagtekens zijn te plaatsen bij grootschalig DNA-onderzoek of cameratoezicht.

Risico's

Vervuilde data, identiteitsdiefstal en slordig beheer leiden daarnaast tot onterechte verdenkingen van (potentieel) crimineel of terroristisch gedrag. Met vaak ingrijpende gevolgen voor het leven van betrokken personen: geblokkeerde bankrekeningen, reisbeperkingen of hinderlijke politiecontroles. Burgers lijken over weinig mogelijkheden te beschikken om in beroep te gaan. Het is onduidelijk hoe ze inzage kunnen krijgen in hun AIVD-dossier, of verweer kunnen aantekenen tegen een onterechte beschuldiging door de politie.

Proportionaliteit

De politiek blijkt weinig zicht te hebben op de schaal waarop politie en justitie gebruikmaken van hun bevoegdheden, in wat voor soort situaties ze dat doen en hoe groot de risico's zijn van onterechte verdachtmaking. Dit, opgeteld bij de onduidelijke effecten van veiligheidsmaatregelen, maakt het onmogelijk voor politici om uitspraken te doen over de proportionaliteit van maatregelen: heiligt het doel de middelen? Zowel vanwege de rechtsbescherming van burgers als de effectiviteit van opsporingsmethoden, vormt dat een probleem. Er is dan ook dringend behoefte aan meer politiek inzicht in, en toezicht op de praktijk van opsporings- en veiligheidsdiensten.

Noot voor de redactie

Voor meer informatie of het aanvragen van het Bericht aan het Parlement, kunt u contact opnemen met Quirine van der Klooster, telefoon 070 3421542.

Bericht aan het Parlement Opsporing behoeft 'checks and balances'