Opwarming leidt tot invasies

21 december 2010

(Persbericht NIOO-KNAW) Dat de snelle opwarming van de aarde samenvalt met de vestiging van veel nieuwe planten en diersoorten in Nederland is de afgelopen jaren wel duidelijk geworden. Hoe deze exotische soorten zich in ons land gaan gedragen is de vraag. Zullen ze een bescheiden plekje tussen de bestaande soorten innemen? Of gaan ze woekeren?

Onderzoekers van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) hebben aangetoond dat plantensoorten die zich met succes in een nieuw gebied vestigen ontsnappen aan hun natuurlijke vijanden, zoals plantenetende insecten en bodemziekten. Daardoor kunnen ze zich sneller uitbreiden dan verwante inheemse plantensoorten. Het gevolg kan zijn dat de nieuwkomers de oude verdrijven. De alarmerende ontdekking dat we in de nabije toekomst meer invasies kunnen verwachten als gevolg van de klimaatverandering wordt deze week gepubliceerd in het toonaangevende wetenschappelijke blad Nature.

De leefgebieden van veel planten en dieren verschuiven de laatste tijd als gevolg van de klimaatverandering, het gewijzigde landgebruik en andere, door de mens veroorzaakte veranderingen. Daarbij zouden soorten, die sneller verschuiven dan hun natuurlijke vijanden, plagen kunnen veroorzaken. Om te testen hoe reëel dit gevaar is hebben Tim Engelkes, Elly Morriën, Wim van der Putten en collega's van het NIOO-KNAW, Wageningen Universiteit, Leiden Universiteit en de Universiteit van Florida een proef uitgevoerd. Daarin zijn exotische plantensoorten die zich nieuw hadden gevestigd in de Millingerwaard, een natuurontwikkelingsgebied bij Nijmegen, vergeleken met verwante inheemse plantensoorten.

In een kas kweekten ze zes exotische plantensoorten en negen inheemse soorten op in grond van de Millingerwaard. Nadat de planten waren uitgegroeid, werden ze verwijderd en is de grond opnieuw met dezelfde plantensoorten beplant. Terwijl de inheemse plantensoorten door bodemorganismen in groei werden geremd, was de invloed van de bodemorganismen op de exotische plantensoorten veel minder groot. De inheemse plantensoorten ontwikkelden dus sneller ziektekiemen dan de exoten.

Daarnaast zijn alle bovengrondse plantendelen blootgesteld aan sprinkhanen en luizen. Dit zijn insecten die in principe alle geteste plantensoorten zouden kunnen aanvreten. Tegen de verwachting in bleek dat de inheemse plantensoorten het meest van de insecten te lijden hadden. De exotische plantensoorten waren dus niet alleen minder vatbaar voor bodemziektes, maar hadden ook minder last van insectenvraat dan de verwante inheemse plantensoorten.

De helft van alle exotisch planten die zich in de Millingerwaard gevestigd hadden zijn oorspronkelijk afkomstig uit Oost- of Zuid-Oost Europa. De andere exoten komen uit Zuid-Afrika en Noord-Amerika. De Europese exoten bleken bijna even ongevoelig te zijn voor de bodemorganismen en insectenvraat als de exoten die van andere continenten afkomstig waren. De implicatie van deze onderzoeksresultaten is dat plantensoorten die zich succesvol uitbreiden tijdens klimaatverandering, eigenschappen hebben die overeenkomen met invasieve exoten van andere continenten. Het maakt het gevaar reëel dat de natuur in Nederland in de nabije toekomst geplaagd wordt door bio-invasies. Dat betekent een dubbele dreiging die met de opwarming van de aarde samenhangt. Al eerder was vastgesteld dat er een verlies aan biodiversiteit te verwachten is doordat soorten niet goed met klimaatverandering kunnen meebewegen. De onderzoeksresultaten zijn van belang om de gevolgen van klimaatveranderingen beter in te kunnen schatten.

Het NIOO is het onderzoeksinstituut voor ecologie van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Het bestaat uit drie centra: voor ecologie van kust en zee, van het zoete water en van het land. Bij het NIOO werken ongeveer 250 mensen. Op het NIOO-Centrum voor Terrestrische Ecologie in Heteren richten de onderzoekers zich op het leven op het land. Het onderzoek is medegefinancierd door NWO. Wim van der Putten heeft een prestigieuze Vici-subsidie van NWO gekregen.

Voor meer informatie

  • drs. Tim Engelkes, onderzoeker bij de werkgroep Multitrofe Interacties van NIOO Centrum voor Terrestrische Ecologie, Postbus 40, 6666 ZG Heteren, tel. 026-4791210
  • prof. dr. ir. Wim van der Putten, werkgroepleider Multitrofe Interacties in Heteren, tel. 026-4791203
  • wetenschapsvoorlichter drs. Frits Vaandrager, NIOO-KNAW, tel. 06 30221787 / 0294-239303

Beeldmateriaal op aanvraag verkrijgbaar.