Prijs Akademiehoogleraren voor Dorret Boomsma en Bert Meijer

24 april 2014

De KNAW kent dit jaar de Prijs Akademiehoogleraren toe aan biologisch psychologe Dorret Boomsma (VU) en organisch chemicus Bert Meijer (TU/e). Beide wetenschappers ontvangen een miljoen euro, te besteden aan een door henzelf te kiezen wetenschappelijk doel.

Over de Prijs Akademiehoogleraren


Elk jaar krijgen twee onderzoekers de Prijs Akademiehoogleraren toegekend: één onderzoeker uit de sociale of geesteswetenschappen en één onderzoeker uit de natuurwetenschappen, de technische wetenschappen of de levenswetenschappen. De prijs bekroont het oeuvre van onderzoekers tussen de 54 en 59 jaar oud die hebben bewezen binnen hun vakgebied te behoren tot de wereldtop. De twee winnaars zijn geselecteerd door een internationale jury die werd samengesteld door de KNAW. De prijzen worden op 26 juni aanstaande uitgereikt in het Amsterdamse Trippenhuis, de thuisbasis van de KNAW.

Over Dorret Boomsma


Prof. dr. D.I. Boomsma (56) is hoogleraar Biologische Psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij dankt haar reputatie mede aan het ooit door haar opgezette Nederlands Tweelingen Register, een internationaal vooraanstaand bestand met gegevens van tienduizenden tweelingen.
Tweelingen zijn interessant voor onderzoek naar de invloed van genetische aanleg en de omgeving waarin kinderen opgroeien. Eeneiige tweelingen hebben een identieke genetische achtergrond, en door hen te vergelijken met twee-eiige tweelingen en ‘gewone’ broers en zussen ontrafelen onderzoekers hoe zeer genen bijgedragen aan een bepaalde eigenschap.

Dorret Boomsma begon haar Nederlands Tweelingen Register in 1987. Inmiddels bevat het register gegevens van meer dan 70 duizend tweelingen en meer dan 70 duizend familieleden. Veel van hen hebben ook DNA-, bloed- of urinemonsters afgestaan. Daarmee is het een van de grootste en belangrijkste tweelingenregisters wereldwijd.
Boomsma’s onderzoeksgroep telt nu meer dan vijftig onderzoekers. Aanvankelijk lag hun focus op gedragseigenschappen en stress, maar geleidelijk aan verbreedde de aandacht naar de geestelijke en de lichamelijke gezondheid en de leefgewoonten en eigenschappen die daar een rol in spelen.

Boomsma bekijkt tweelingen op meerdere momenten in hun leven. Zo laat ze zien dat de invloed van genen niet constant is. Mentale problemen als aandachtsstoornissen en ADHD zijn vooral bij zeer jonge kinderen erfelijk bepaald; als ze ouder worden, groeit de invloed van opvoeding en omgeving. Het omgekeerde geldt voor intelligentie: bij oudere kinderen spelen de genen meer mee in hoe goed ze op school presteren.

Boomsma is sinds 2001 lid van de KNAW. In 2001 kreeg ze de Spinozapremie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek. In 2008 kreeg Boomsma een ‘advanced grant’ van de European Research Council voor erfelijk onderzoek naar geestesziekten. Ook kreeg ze de James Shield Award van de International Twin Society, de Dr. Hendrik Muller Prize for Behavioural and Social Sciences en de KNAW-Merianprijs. Ze is (co)auteur van veelgeciteerde artikelen in onder meer Science en Nature.

Over Bert Meijer


Meijer-Bert-5917Prof. dr. E.W. Meijer (59) is hoogleraar Organische Chemie aan de Technische Universiteit Eindhoven. Hij is toonaangevend in de wereld op het gebied van ‘supramoleculaire polymeren’ – nieuwe biologische materialen met bijzondere eigenschappen.
Klassieke polymeren, zoals nylon, bestaan uit kleine moleculen aaneengesmeed door sterke chemische verbindingen. Ze zijn geschikt voor bijvoorbeeld ijzersterke vezels. Bert Meijer ontwikkelde heel andere soorten polymeren, bestaand uit grote moleculen met onderling relatief zwakke verbindingen. Het zijn nieuwe materialen met innovatieve toepassingen.

Meijer begon zijn loopbaan als onderzoeker bij Philips en DSM. In 1991 stapte hij over naar de Technische Universiteit Eindhoven. Aanvankelijk concentreerde hij zich op ‘dendrimeren’, sponzige bioplastics van vertakte moleculen. Ze worden onder meer toegepast in medische implantaten. Van recenter datum is Meijers werk op het gebied van ‘supramoleculaire zelfassemblerende polymeren.’ Deze categorie polymeren, de naam zegt het al, bestaat uit grote moleculen die zich spontaan groeperen in nog grotere structuren, zoals ook in levende organismen vaak gebeurt. Het resultaat zijn op de biologie geïnspireerde materialen met nieuwe, bijzondere eigenschappen, zoals het vermogen zichzelf na een beschadiging weer te herstellen. Daarnaast richt Meijer zich binnen het Instituut voor Complexe Systemen en Moleculen (ICMS) van de TU/e op moleculaire zelfassemblage, een relatief nieuw wetenschapsterrein met de levende natuur als inspiratiebron.

Meijer draagt met zijn originele en innovatieve onderzoek veel bij aan de fundamentele wetenschap. Door zijn ervaring in het bedrijfsleven is hij ook gepassioneerd in het ontwikkelen van toepassingen. Zijn werk leidde tot innovatieve start-up-bedrijven en tot grote investeringen van multinationals. Meijer publiceert regelmatig in Science en Nature en andere wereldwijd vooraanstaande tijdschriften. Zijn werk is al tienduizenden keren aangehaald. Sinds 2003 is hij lid van de KNAW. Hij is erelid van de Chemical Research Society van India en buitengewoon lid van de Deutsche Akademie der Technikwissenschaften.
In 2001 kreeg Meijer de Spinozapremie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek; in 2010 een Advanced Grant van de European Research Council. Hij ontving daarnaast onder meer de Wheland Award van de Universiteit van Chicago en de Arthur C. Cope Scholar Award van de American Chemical Society.