Scheidend president Van Oostrom roept Akademie op vernieuwing door te zetten. Opvolger Dijkgraaf waarschuwt voor terugval kennisland Nederland op rang

29 januari 2011

Met zijn jaarrede 'Buitenboel en binnenboel' besloot Frits van Oostrom zijn driejarige presidentschap van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Anders dan in eerdere jaarredes richtte Van Oostrom de blik ditmaal nadrukkelijk naar binnen.

Hij bepleitte behoud en versterking van de nieuwe cultuur van openheid. Hij wees het genootschap op het belang van snellere en fermere adviezen en van samenwerking tussen de beide Afdelingen. Ten slotte prees hij De Jonge Akademie met haar begenadigde ambassadeurs voor het belang van wetenschap en brak een lans voor het werk van de KNAW-onderzoeksinstituten. De nieuwe president Robbert Dijkgraaf omarmde de aanbevelingen van zijn voorganger. Hij sprak zijn zorgen uit over het feit dat de sterke positie van de Nederlandse wetenschap uitsluitend te danken is aan investeringen in het verleden. Met het huidige bestedingenniveau valt Nederland terug in de economische ranglijsten. De wisseling van de wacht vond plaats tijdens de Jaarvergadering van de Akademie in het Trippenhuis in Amsterdam.

Na een korte terugblik op de uiterst succesvolle jubileumviering beargumenteerde de vertrekkende president zijn keuze voor een extraverte opstelling van de Akademie. Een institutie als de KNAW moet publiekelijk pal staan voor het belang van wetenschap. Van Oostrom gaf daarvoor twee redenen, een realistische en een idealistische. Realistisch is de constatering dat de kosten voor wetenschapsbeoefening groeien terwijl de investeringen dalen. Waar de overheid in 1990 nog 1 procent van het BNP besteedde aan onderzoek en ontwikkeling, was dat vorig jaar nog maar 0,7 procent. Idealistischer van aard is de wens jonge mensen te winnen voor een loopbaan in de wetenschap. De afnemende animo bij jongeren weet Van Oostrom aan "het monsterverbond van onbekendheid met de wetenschap en het suffe imago van de nerd. Niet te ontkennen valt dat goede wetenschap, evenals kunst en sport, het nu eenmaal moet hebben van een zekere focus die aan obsessie grenst - maar achter die ogenschijnlijke beperking valt een wereld vol avontuur, vrijheid, kansen en professioneel geluk te winnen." Hij prees daarom initiatieven als het scholenproject van De Jonge Akademie en de KNAW Onderwijsprijs.

In zijn jaarrede nam Frits van Oostrom vervolgens de inrichting en de werkwijze van de Akademie onder de loep. Hij brak een lans voor de onderzoeksinstituten, wier werk meer waardering verdient, en sprak de wens uit dat de Akademie haar per definitie onafhankelijke en gezaghebbende adviezen en standpunten "sneller en fermer" aan de man brengt. Hij benadrukte het belang van De Jonge Akademie - die inmiddels als model dient voor andere landen zoals Frankrijk - als bruggenbouwers tussen wetenschap en samenleving. De kruisbestuiving tussen het klassieke en het jonge genootschap is voor beiden uiterst waardevol. In het slot van zijn toespraak bepleitte Van Oostrom grensoverschrijdende samenwerking: niet alleen over de landsgrenzen heen, maar vooral over de grenzen van wetenschappelijke disciplines. Om die reden vergt de inrichting van de Akademie voortdurende aandacht. Hij citeerde Harvard-coryfee Jeremy Knowles: "Structures should serve what we do, rather than determine what we do".

De nieuwe president, Robbert Dijkgraaf, hield bij dezelfde gelegenheid een korte inaugurele rede. Hij wees zijn gehoor op de uitstekende uitgangspositie van de wetenschap. "Nederlandse onderzoekers zijn wat impact betreft nummer drie in de wereld. Nergens werken, relatief gesproken, zó weinig onderzoekers, zó hard, met zóveel effect, en met zó weinig middelen. Die kwaliteit is grotendeels te danken aan investeringen uit het verleden. De huidige inspanningen behoren tot de laagste in Europa en nemen ook nog verder af. Dat is een uitputtingsslag die we niet lang kunnen volhouden. Nederland valt terug in de economische hitparade, zeker waar het concurrentiekracht en innovatie betreft. Dit kabinet heeft de wens uitgesproken omhoog te willen gaan, maar de ijzeren wetten van de logica zeggen dat als wij een stap omhoog gaan, een ander land een stap omlaag zal moeten. Ik zie nog niet zo snel vrijwilligers zich melden..."

Meer informatie

Hugo van Bergen of Irene van Houten