Verslag KNAW-meeloopdag

Harriet Stroomberg bij de Fryske Akademy

Collectiespecialist Harriet Stroomberg bij het IISG (Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis) bezoekt Eduard Drenth, softwarearchitect/ontwikkelaar bij de Fryske Akademy. 

We belden Harriet tijdens het bezoek aan de Akademy. 

Toen we je belden voor dit interview, zei je: ‘Ik zit nu net in een heel interessante uitleg, kan ik over twintig minuten terugbellen?’ Dat klonk als een geslaagde meeloopmatch, klopt dat? 

‘Ja, het is heel interessant hier, om allerlei redenen. Het project HisGIS bijvoorbeeld, over oude kaarten van Friesland: wie woonde waar, van wie was welk perceel? Die kaarten zijn gescand en vervolgens via ‘linked open data’ gekoppeld aan hedendaagse data. Ongelofelijk wat je daarmee allemaal kunt. Zo zag ik hier oude stadsgezichten. De daarop afgebeelde huizen kun je nu zo naast de huidige situatie leggen, met een soort Google Streetview. Geweldig. Wij zijn bij het IISG ook met dat soort technieken bezig. Ik ben kunsthistorica, maar het is interessant om hier ook de ICT-kant te zien. Kan ik je later terugbellen? We gaan nu lunchen.’ 

Na de lunch bellen we weer.

Kenden Eduard en jij elkaar al?

‘Nee, nog niet. Maar de kennismaking was heel plezierig. Ik heb een band met Friesland, omdat ik er in mijn jeugd elke zomer kwam. Ik kan ook Fries verstaan. Ik wist dat ze veel met taal doen, en ik hoopte te kunnen zien wat zij doen met oude kaarten. Dat is vanmorgen al goed gelukt.’ 

Wat heeft je verrast?

‘Ik had het gebouw kleiner verwacht, maar het is indrukwekkend. Vorig jaar is het prachtig verbouwd. Eigenlijk zijn er diverse panden bij elkaar getrokken. Er zit ook een kerk in het complex, verbouwd tot kantoor. En net was ik in het Coulonhûs uit 1713. Schitterende vergaderzalen met handbeschilderde behangsels en heel mooi stucwerk. Ik moet nu trouwens naar een lezing. Zal ik je om drie uur terugbellen?’

Om drie uur gaat de telefoon.

Hoe was de lezing?

‘In het Fries, maar ik kon het goed volgen. Het ging over de verspreiding van dialecten in Friesland door de eeuwen heen. Aan de hand van allerlei stukken, zoals oorkondes, hebben ze kaarten gemaakt die die verspreiding door de tijd heen weergeven. Prachtig, die dynamiek in dialecten.’ 

Hoe kijk je terug op je bezoek?

‘Eduard heeft me rondgeleid, zijn eigen werkplek laten zien en ook voorgesteld aan veel collega’s. Volgende week vrijdag komt hij naar het IISG. We gaan kijken waar we kunnen samenwerken. Er is al samenwerking op instituutsniveau, omdat de onderzoeksvelden van IISG en Fryske Akademy veel raakvlakken hebben. Maar het is ook goed als je elkaar persoonlijk weet te vinden. Voor mij staat de KNAW voor kwaliteit en niveau. En dat vind je in beide instituten. Ik haal nu nog even een pakje Fryske dúmkes en loop dan naar de trein. Het is ruim twee uur reizen, maar als de trein zo rustig is als vanmorgen, kan ik onderweg lezen en werken.’