Transparantieovereenkomst dierproeven in Nederland

De ondergetekenden van deze overeenkomst zijn op verschillende manieren betrokken bij het uitvoeren, financieren of ondersteunen van onderzoek en onderwijs waarbij proefdieren worden ingezet. Wetenschappelijk onderzoek met proefdieren in binnen- en buitenland heeft ons veel medische, farmacologische en diergeneeskundige vooruitgang gebracht. 

Het is belangrijk voor welzijn van mens en dier om dit onderzoek wereldwijd uit te blijven voeren en Nederland is één van de wereldspelers op dit gebied. Er worden veel inspanningen geleverd om dierproeven te vervangen door proefdiervrije alternatieven, waardoor veel dierproeven reeds overbodig zijn geworden. Echter, alternatieven kunnen nog niet al het proefdieronderzoek vervangen en daarom zijn dierproeven ook in de nabije toekomst nodig.

Dierproeven zijn een controversieel onderwerp in de samenleving, maar ze worden tegelijkertijd ook uitgevoerd in het belang van diezelfde samenleving. Het is van belang dat iedereen toegang heeft tot juiste en volledige informatie over proefdieronderzoek, zodat iedereen goed geïnformeerd een eigen mening over dit onderwerp kan vormen.

Het doel van deze overeenkomst is om de samenleving meer openheid en transparantie te bieden als het gaat om dierproeven. Om dit te bereiken gaan wij, de ondergetekenden, werken aan een gezamenlijke aanpak wat betreft communicatie over:

  1. Wat dierproeven inhouden
  2. De regulatie van dierproeven en de bescherming van proefdieren binnen de Nederlandse wettelijke kaders
  3. De rol van dierproeven in wetenschappelijk onderzoek, de ontwikkeling van nieuwe medische behandelingen, veiligheidstesten, het vergroten van dierenwelzijn en natuurbeheer
  4. De professionele inzet van onderzoekers, instellingen en dierverzorgers/biotechnici voor het bevorderen van dierenwelzijn (culture of care)
  5. De mate waarin wordt getracht het gebruik van dieren te verminderen en het ongerief voor de dieren tot een minimum te beperken
  6. De mate waarin dierproeven kunnen worden vervangen door andere methoden en hoeveel dierproeven er nu al worden vervangen door proefdiervrije technieken
  7. Hoe er gewerkt wordt aan de transitie naar proefdiervrije innovatie

Over de overeenkomst

Deze overeenkomst is tot stand gekomen uit besprekingen met de oorspronkelijke ondergetekenden die begonnen zijn in oktober 2020. De verklaring is geformaliseerd in het huidige voorstel voor een transparantie-overeenkomst inzake proefdieronderzoek in Nederland, waarbij overleg met een bredere groep belanghebbenden plaatsvond.

De totstandkoming van deze overeenkomst is ook geïnspireerd door de vooruitgang in het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Portugal en België; landen die gelijksoortige nationale transparantie overeenkomsten hebben gesloten over de communicatie van proefdieronderzoek.

Nederlandse levenswetenschappers doen toonaangevend onderzoek. Ze streven naar een verantwoorde en integere opzet van hun onderzoek en de rapportage daarvan. Daarbij hanteren ze hoge maatstaven voor het welzijn van de betrokken proefdieren.

De Europese richtlijn 2010/63/EU verplicht lidstaten gegevens over dierproeven te publiceren, mede op basis van gegevens van de betrokken instellingen (bijlage: achtergrondinformatie over de Nederlandse regelgeving). Deze gegevens zijn echter niet per definitie openlijk beschikbaar of uitnodigend voor iemand die daar niet specifiek naar op zoek gaat. De ambities in deze overeenkomst gaan daarmee verder dan de wettelijk verplicht te publiceren informatie. Het gaat om daadwerkelijke interactie met de samenleving op een proactieve en voor mensen toegankelijke en zichtbare manier. Alleen met volledige en juiste informatie kunnen mensen zelf een gefundeerde mening vormen. We erkennen en respecteren daarbij het feit dat veel mensen tegen het gebruik van proefdieren zijn. Hiertoe tonen wij openheid, transparantie en verantwoordelijkheid voor het onderzoek dat we uitvoeren, financieren of ondersteunen.

De overeenkomst omvat vier toezeggingen, elk gespecificeerd met praktische stappen die organisaties kunnen ondernemen. Hoe de toezeggingen worden ingevuld, kan per organisatie verschillen, afhankelijk van hun werkwijze en wettelijke verplichtingen. Financiers van onderzoek, organisaties die dierproeven uitvoeren, en belangenorganisaties spelen allemaal een verschillende rol. Veel ondergetekenden zetten zich voor het ondertekenen van deze overeenkomst al in voor communicatie rond dierproeven op basis van de Code Openheid Dierproeven (2009). Daarmee zijn er al veel voorbeelden op het gebied van openheid over proefdieronderzoek te noemen (bijvoorbeeld een actieve rol spelen in de communicatie over proefdieronderzoek in de media, belangstellenden uitnodigen voor een bezoek van de proefdierfaciliteiten, en/of duidelijke en uitgebreide informatie over de dierproeven online beschikbaar stellen). Andere instellingen hebben echter mogelijk nog een lange weg te gaan, voordat zij de praktische stappen kunnen zetten zoals beschreven in deze overeenkomst. Niettemin verbinden alle ondergetekenden zich ertoe vooruitgang te boeken bij de uitvoering van de overeenkomst, en te helpen de openheid over dierproeven in Nederland te vergroten. Deze Transparantieovereenkomst gaat verder dan de Code Openheid Dierproeven in de zin dat individuele organisaties over een breder spectrum deze overeenkomst ondertekenen en zij hierdoor directer betrokken zijn bij de gezamenlijke inspanningen om openheid en transparantie te verbeteren. Ondergetekenden brengen jaarlijks verslag uit over hun vorderingen bij elk van de vier toezeggingen.

De vier toezeggingen

Toezegging 1: We zijn duidelijk over wanneer, hoe en waarom we dieren in onderzoek gebruiken

Deze toezegging houdt in dat alle organisaties (zowel intern als extern) erkennen dat zij, of hun leden, proefdieronderzoek verrichten of financieren, en dat ze transparant communiceren over het gebruik van proefdieren in dat onderzoek. Alle ondergetekenden stemmen in met deze basisbeginselen van openheid, die de basis vormen voor de overeenkomst.

Wanneer we communiceren over het gebruik van proefdieren geven we een nauwkeurige beschrijving van de voordelen, nadelen en beperkingen van dierproeven. We zijn realistisch over de mogelijke resultaten van dergelijk onderzoek, open over de impact op dierenwelzijn en over de ethische overwegingen.

We zullen personeel (en waar relevant studenten) op de hoogte brengen van de betrokkenheid van onze organisatie bij het gebruik van proefdieren of het ondersteunen hiervan. We zullen informatie verstrekken die onze betrokkenheid bij het gebruik van proefdieren verklaart en zullen vragen over de aard van dit onderzoek beantwoorden, daar waar reëel en redelijk. Als er redenen zijn om niet op vragen te reageren (bijvoorbeeld vanwege intellectueel eigendom), leggen we dat uit.

Wanneer ondergetekenden van de overeenkomst samenwerken aan een onderzoeksproject (met partijen binnen of buiten de overeenkomst), komen alle relevante partijen overeen een open benadering te hanteren voor communicatie over (het aantal en soorten) dieren die voor het project worden gebruikt en zij zullen elkaar hierbij ondersteunen. Als er partnerschappen zijn met niet-ondertekenende organisaties of als er sprake is van vertrouwelijkheid, bescherming van intellectueel eigendom of commerciële gevoeligheid, zullen ondertekenende organisaties zo open mogelijk zijn in het delen van informatie met het publiek, met inachtneming van deze noodzakelijke beperkingen.

Toezegging 2: We streven naar betere communicatie over proefdieronderzoek in Nederland met media en publiek.

Het doel van deze toezegging is ervoor te zorgen dat relevante details over het gebruik van proefdieren door ondergetekenden voor het publiek gemakkelijk toegankelijk zijn. Hierbij wordt voortgebouwd op Toezegging 1 door enkele praktische stappen te schetsen die organisaties kunnen nemen om hun communicatie rondom proefdieronderzoek te optimaliseren.

Binnen een jaar na ondertekening van de overeenkomst maken alle ondergetekenden, waar niet al aanwezig, via de eigen openbaar toegankelijke website een beleidsverklaring beschikbaar over het gebruik van proefdieren. Deze beleidsverklaring geeft duidelijke informatie over de aard van de eigen betrokkenheid bij proefdieronderzoek en de rol daarvan in de bredere context van de onderzoeksdoelen.

Ondertekenende universiteiten, onderzoeksinstituten, farmaceutische bedrijven, verenigingen en organisaties die onderzoek ondersteunen geven op hun website en via andere communicatiekanalen uitleg over hoe zij werken aan het bevorderen van de 3 V's (Vervanging, Verfijning en Vermindering van dierproeven) en geven voorbeelden van hun vooruitgang daarin, inclusief initiatieven om alternatieve methoden te ontwikkelen en/of in te zetten. Waar proefdieronderzoek een belangrijke rol heeft gespeeld in een wetenschappelijke vooruitgang en/of productontwikkeling, zullen we informatie over dat onderzoek opnemen in relevante communicatie. Een centrale pagina op de website van de Stichting Informatie Dierproeven (SID) zal voorbeelden hiervan weergeven.

Ondergetekende organisaties moedigen onderzoekers en medewerkers aan die willen communiceren met het publiek en de media en ondersteunen hen daarbij. Ondergetekende organisaties benoemen een contactpunt binnen hun organisatie voor informatie over de betrokkenheid bij het gebruik van proefdieren. Tevens worden onderzoekers aangemoedigd om erkende richtlijnen te volgen bij de uitvoering van de experimenten en het publiceren van de resultaten van hun onderzoek (bijvoorbeeld de principes die zijn vastgelegd in de PREPARE- en de ARRIVE-richtlijnen), voor zover dit past binnen de richtlijnen van het tijdschrift waarin gepubliceerd wordt.

Ondergetekenden van de overeenkomst kunnen, zoals sommigen al doen, journalisten en mediaorganisaties, beleidsmakers, evenals lokale scholen of patiëntenorganisaties toegang verlenen tot hun faciliteiten. Het publiek en de media kunnen de toegang tot proefdierfaciliteiten beschouwen als een blijk van goede trouw, maar worden indien van toepassing geïnformeerd dat dergelijke bezoeken niet altijd mogelijk zijn.

Toezegging 3: We bieden proactief mogelijkheden aan het brede publiek om kennis te maken met proefdieronderzoek en de regelgeving die daarop van toepassing is.

Deze toezegging is bedoeld om de publieke discussie in Nederland over proefdieronderzoek aan te moedigen. Er wordt voortgebouwd op Toezeggingen 1 en 2 door manieren voor te stellen waarop ondergetekenden proactief - direct en indirect - met het publiek kunnen communiceren, naast het verstrekken van informatie.

We gaan samenwerken om uitgebreide uitleg te geven over de regelgeving rondom proefdieronderzoek, de project vergunningen en het zorgvuldige gebruik daarvan, de dierproeven zelf en wat gedaan wordt om dierenwelzijn te bevorderen. Deze uitleg kan bijvoorbeeld afbeeldingen en films omvatten, welke op zichzelf gebruikt kunnen worden of kunnen aansluiten bij andere communicatiemiddelen. Voorwaarde is dat ze informatie over de context van het proefdieronderzoek bevatten. De website van de instelling zal een belangrijk middel zijn in deze communicatie.

Waar relevant zullen in lezingen of openbare evenementen - bijvoorbeeld op scholen of bij de plaatselijke gemeenschap - vertegenwoordigers van de ondergetekende organisaties informatie opnemen over de rol van proefdieren in hun werk en wat zij doen om tot een optimale toepassing van de 3 V's te komen. Ondergetekenden overwegen ook andere activiteiten om publieke betrokkenheid bij het gebruik van proefdieren voor onderzoek te stimuleren.

Toezegging 4: Jaarlijks rapporteren we onze voortgang en delen we ervaringen.

Monitoring van de uitvoering van de overeenkomst is belangrijk voor het welslagen ervan. We tonen en delen de vooruitgang die we hebben geboekt om opener te zijn over onderzoek met proefdieren in Nederland en het verbeteren van de informatie die voor het publiek beschikbaar is. We herzien de overeenkomst en onze eigen processen om ze actueel te houden.

De ondergetekende organisaties rapporteren jaarlijks aan de European Animal Research Association (EARA) en de Stichting Informatie Dierproeven (SID) over de acties die ze hebben ondernomen om aan deze toezeggingen te voldoen en delen onze ervaring rond de effectiviteit en impact van de geïmplementeerde strategieën. Deze rapportage gebeurt aan de hand van een vragenlijst waarvan de antwoorden worden gecombineerd en samengevat in een jaarverslag.

Wij zijn van mening dat de overeenkomst de ondergetekenden de mogelijkheid zal bieden om goede praktijken te delen en te promoten door hen te stimuleren open te zijn over proefdieronderzoek en het publiek betere inzichten te verschaffen in de redenen voor, de methoden van, de afwegingen bij, en de opbrengsten van dierproeven.

Drie jaar na publicatie gaan ondergetekenden in samenwerking met SID en EARA deze overeenkomst en de impact ervan evalueren. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de eigen inspanningen die geleverd zijn, maar ook naar hoe deze inspanningen impact hebben gehad op het publieke debat.