Paradisolezingen 2014

Science of fiction: zin en onzin van wetenschap in films

15 december 2013

In de Paradisolezingen 2014 worden zin en onzin van wetenschappelijke thema’s in speelfilms belicht. Aan de hand van speelfilmfragmenten bespreken acht gelauwerde Nederlandse wetenschappers klimaatverandering, teleportatie, buitenaardse verschijnselen, dromen, pandemieën, insecten, breinwetenschap en onwaarschijnlijk onderzoek. De Paradisolezingen 2014 vinden plaats van 12 januari tot en met 1 juni.

Lezingen

  • Prof. dr. Ron Fouchier (viroloog, Erasmus Medisch Centrum Rotterdam): Pandemieën – rampenfilm of een reëel gevaar?
  • Prof. dr. Vincent Icke (astrofysicus, Universiteit Leiden): De tragiek van de lichtsnelheid.
  • Prof. dr. Peter Hagoort (cognitieve neurowetenschapper, Radboud Universiteit Nijmegen): De magie van het talige brein.
  • Prof. dr. Marcel Dicke (entomoloog, Wageningen Universiteit): De reputatie van insecten in Hollywood en in de wetenschap.
  • Dr. Appy Sluijs (paleo-klimatoloog Universiteit Utrecht): Klimaatverandering van eergisteren en overmorgen.
  • Prof. dr. Douwe Draaisma (psycholoog, Rijksuniversiteit Groningen): De dromenwever. Waarom dromen en films op elkaar zijn gaan lijken.
  • Prof. dr. Ronald Hanson (nanofysicus, Technische Universiteit Delft): Zin en onzin van teleportatie.
  • Kees Moeiliker (bioloog en conservator van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam): Onwaarschijnlijk onderzoek

De lezingen vinden plaats op zondagochtenden van 11.00 tot 12.00 uur in Paradiso, Weteringschans 6 te Amsterdam. Na afloop van de lezing is er tot 13.00 uur gelegenheid tot het stellen van vragen en discussie tussen spreker en publiek.

Toegangskaarten kosten € 11,- per persoon. Vrienden van Verstegen & Stigter en VPRO-leden betalen € 9,- p.p.; studenten € 5,-. Kaarten zijn te bestellen via de website van Paradiso.

Deze twintigste serie wetenschapslezingen is een samenwerkingsproject van Verstegen & Stigter culturele projecten en Paradiso, met steun van VSNU, science center NEMO, Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen en de VPRO.