Interview

‘Vrouwen horen niet in de marge van de geschiedschrijving’

19 oktober 2020

Myriam Everard krijgt de De La Courtprijs 2020 voor haar wetenschappelijke werk waarin de rol van vrouwen in de Nederlandse geschiedenis centraal staat. De prijs wordt om de twee jaar uitgereikt aan een onderzoeker die zelfstandig en onbetaald onderzoek doet in de sociale- en geesteswetenschappen.

Gefeliciteerd met het winnen van de De la Courtprijs! Uw werk focust zich op vrouwen in de Nederlandse geschiedenis. Wat bent u op dit moment rondom vrouwen in de Nederlandse geschiedenis aan het onderzoeken?

Ik doe al geruime tijd onderzoek naar Wilhelmina Drucker, de meest radicale denker én activiste van de eerste feministische golf. Samen met Ulla Jansz werk ik aan een website over Drucker, waarvoor we tal van aspecten van haar leven onderzoeken en toegankelijk maken. Dat materiaal wordt bovendien gebruikt in de documentaire die over haar in de maak is. Dat alles om haar de plaats in de geschiedenis te geven die haar toekomt, zodat zij deel gaat uitmaken van ons nationale geheugen.

Daarnaast doe ik momenteel onderzoek naar de gezusters Henriëtte en Grietje Cohen, die in 1889 samen met Drucker de Vrije Vrouwenvereeniging oprichtten, de eerste politieke vrouwenorganisatie in Nederland. Van deze twee feministische pioniers weten we zo goed als niets, en daar wil ik graag iets aan veranderen. Aan hun leven is bovendien goed te zien dat feministen van de eerste golf niet alleen uit de hogere klassen afkomstig waren zoals nog maar al te vaak wordt gedacht. Henriëtte en Grietje Cohen groeiden op in een arm gezin en werkten hun leven lang voor hun brood, en zij waren in de vrouwenbeweging van toen absoluut de enigen niet.

centered image

Foto: Sake Elzinga

Waarom focust uw werk zich vooral op vrouwen? Probeert u een gat te dichten omdat er weinig geschreven is over vrouwen in de Nederlandse geschiedenis?

Nou, een gat dichten... eerder een dichtgemetseld verhaal openbreken. Toen ik met mijn onderzoek begon, begin jaren 1980, was er een soort master narrative dat een verklaring bood voor de marginale rol die vrouwen in de geschiedenis zouden hebben gespeeld. Een belangrijk steekwoord was daarin het ‘huiselijkheidsideaal’ dat zo rond 1800 dominant zou zijn geworden, en dat ervoor gezorgd zou hebben dat het leven van vrouwen tot de privésfeer beperkt werd. Maar de vrouwen die ik onderzocht, achttiende-eeuwse schrijvende zielsvriendinnen, wild levende lollepotten of revolutionaire patriottes, en negentiende eeuwse radicale feministen, lieten zich niet opsluiten of verzetten zich juist tegen het idee dat vrouwen ‘van nature’ zorgzaam en zwak waren en dat er voor hen op de arbeidsmarkt of in de politiek geen plaats was. En daarbij: veel vrouwen, met of zonder man, met of zonder kinderen, werkten om aan de kost te komen, en zeker niet alleen in ‘vrouwelijke’ beroepen. Dat maak ik zichtbaar, waardoor vrouwen vanzelf uit de marge van de geschiedschrijving komen. Want daar horen ze niet.

Hoe is het om een onafhankelijk onderzoeker te zijn? Wat zijn de voor- en nadelen?

Onafhankelijk onderzoek kunnen doen heeft als voordeel dat je geen toestemming hoeft te zoeken voor wat je onderzoeken wil of instemming met welke richting je onderzoek uitgaat. Zo kon ik mijn promotieonderzoek naar de geschiedenis van vrouwelijke homoseksualiteit - begin jaren tachtig reageerden de gangbare subsidiërende instanties nog erg terughoudend op een dergelijk thema - toch doorzetten. Een nadeel is wel dat een wetenschappelijk netwerk opbouwen lastiger is als je niet gelieerd bent aan een universiteit. Daar moest ik dus zelf voor zorgen. Wel was het veertig jaar geleden gemakkelijker om dat te doen, tegenwoordig is de werkdruk en de concurrentie binnen de universiteiten zo toegenomen, dat er voor buitenuniversitaire connecties nauwelijks meer ruimte is.

Hoe kijkt u, nu u de De la Courtprijs krijgt, terug op uw bijdrage aan de geschiedwetenschap?

Ik ben natuurlijk heel vereerd met deze prijs, maar omdat het een oeuvreprijs is beschouw ik die ook graag als een erkenning van het belang van vrouwen- en gendergeschiedenis. Mijn eigen werk zie ik als onderdeel van dat collectieve project.

 

Myriam Everard geeft het prijzengeld door aan een beginnend onbezoldigd onderzoeker naar Everards keuze.